Momenteel wordt erg veel onderzoek naar drempelwaarden gedaan. De minimale hoeveelheid eiwit waarbij allergische reacties optreden geeft inzicht in de kans dat een reactie optreedt. Drempelwaarden kunnen dus gebruikt worden in een risico-analyse, bijvoorbeeld in een HACCP-analyse, om de risico's voor kruisbesmetting in te schatten. Ook bij toetsing van resultaten van analyses zijn drempelwaarden heel nuttig. Drempelwaarden zijn echter niet te gebruiken om te bepalen of een ingredient in de ingredientendeclaratie opgenomen moet worden.
Recent is een verscherpte norm voor glutenvrije producten vastgesteld. De norm was 200 ppm maar is nu zowel Codex Alimentarius als in Verordening (EG) 41/2009 verlaagd naar 20 ppm. Bij EFSA is een verzoek ingediend om een norm voor lactosevrijproducten bepalen. Daarnaast is een werkgroep van het Ministerie van VWS bezig om drempelwaarden voor allergenen te bepalen.
In Australië wordt een systeem met drempelwaarden (VITAL) gebruikt om duidelijkheid te bieden aan consument en fabrikant. 
Belangrijk: Deze drempelwaarden zijn uitgedrukt in mg eiwit/ kg product. Let hier op het toetsen van analyseresultaten!
Met een drempelwaardesysteem wordt voorkomen dat etikettering doorschiet. Met name de risico's van kruisbesmetting vindt men soms moeilijk om in te schatten met onnodige waarschuwende etikettering tot gevolg.
De waarden dienen echter met beleid gebruikt te worden. Er zijn namelijk een aantal kanttekeningen te plaatsen:
Allergenen Consultancy kan u behulpzaam zijn bij het toepassen van drempelwaarden en het berekenen van kruisbesmettingsrisico's. Hiervoor kunt u contact met ons opnemen. Ook tijdens de cursus "Allergenen managementsysteem" wordt geoefend het het toepassen en berekenen van drempelwaarden.









